26-10-10

At what point does a Shakespeare say

At what point does a Shakespeare say
I feel it's time I write a play
What subject shall it be today
A tragedy I've done

Lovers twain have been united
Audiences are delighted
No doubt I shall soon be knighted
Royal fame I've won

The Queen has come to every show
And, flattering, she feigns to know
A couplet from a verse, also
A refrain from a rhyme

But the ones I aim to pleaseth
Most of all upon my kneeseth
Are the folk who cough and sneezeth
Through my prose sublime
( by Emilie Autumn)

16:52 Gepost door Mieke in Citaat | Permalink | Commentaren (0) | Tags: emilie autumn, poem, shakespeare |  Facebook |

19-10-10

Boek: J M Coetzee, wachten op de barbaren

barbaren.jpgTientallen jaren al bestuurt de beschaafde, oude magistraat naar ieders tevredenheid het dorpje aan de grens. Zorgeloos leeft hij van de ene dag in de andere, genietend van zijn hobby's en zijn flirts. Wanneer een afgezant van de regering het decreet uitvaardigt dat de barbaren in het grensgebied moeten worden vervolgd, kan de oude man niet veel begrip opbrengen voor het standpunt van zijn meerderen. Hij heeft meer sympathie voor die zogenaamde barbaren, een nomadenvolk dat niemand kwaad doet.

Aanvankelijk probeert hij de machthebbers tot rede te brengen en raakt zo steeds meer in het conflict betrokken. Tegelijkertijd wil de magistraat zich het liefst terugtrekken in zijn eigen wereld, waarin hij de klassieken leest en een vergeten taal bestudeert. Als hij een erotische relatie krijgt met een van de slachtoffers van het overheidsgeweld - een door de martelingen van haar ondervragers kreupel en blind geworden meisje - voelt hij zich toch geroepen tot een wilde actie. Hij komt in de gevangenis terecht en wordt zelf als een barbaar behandeld.

Op subtiele wijze beschrijft Coetzee in de oude man niet simpelweg een bestuurder met een gewetensconflict, maar iemand die heen en weer wordt geslingerd tussen medeplichtigheid, onverschilligheid en verzet.

--

Barbaren zijn woestelingen die enkel aan plunderen en oorlog denken. Alleen: wie is er een barbaar? Het ongekende en onbeminde volk dat probeert te overleven of het gecultiveerde eigen volk dat angstvallend zich probeert af te schermen van invloeden van buitenuit. Twee volkeren die - mits een kleine inspanning - in een soort harmonie naast elkaar kunnen bestaan. Maar is die bereidheid er wel? Wat gebeurt er als de centrale regering beslist dat het tijd is voor actie? Dat kleine, niets zeggende overtredingen van barbaren op brutale wijze bestraft dienen te worden? Voor je het weet worden mensen gefolterd en trekt een troep soldaten ten oorlog. En uiteindelijk is iedereen slechter af dan voorheen. Kijk maar naar wat er in Israel gebeurt. Of dichter bij huis...

'Wachten op de barbaren' is een universeel verhaal over apartheid, angst voor het onbekende en eigenbelang. Het beschrijft gevaarlijke, al om tegenwoordige angsten en opvattingen. "Wij zijn de goeien, de anderen slecht." Maar: is dit wel zo? en: wat gebeurt er met de enkeling die dit in vraag durft te stellen?

04-10-10

Boek : Jed Rubenfeld - Interpretation of murder ( moordduiding )

murder.jpgEind augustus 1909 kwam Sigmund Freud in New York aan voor zijn eerste en enige bezoek aan Amerika.

Terug in Wenen, sprak of schreef hij zelden meer over die reis, maar de rest van zijn leven noemde hij alle Amerikanen 'wilden'.
Dit gegeven inspireerde Jed Rubenfeld tot het schrijven van de ingenieuze historische thriller Moordduiding. Het verhaal begint als volgt:

Op een dag wordt het lichaam van een zeer rijke jonge vrouw ontdekt in een luxueus appartement met uitzicht over Manhattan. Ze is vastgebonden, met een zweep bewerkt en gewurgd. De burgemeester van New York vraagt Freud om zijn vernieuwende, onconventionele gedachtegoed in te zetten bij het oplossen van deze moordzaak, maar Freud laat het over aan een onervaren Amerikaanse collega. En dan blijkt: sommige moorden tarten elke analyse.

Oordeel

"Interpretation of murder" is een historische roman die zich afspeelt in het New York van begin 1900. Dat is niet toevallig gekozen. Die tijd bracht Freud samen met zijn leerling Jung een bezoek aan Amerika. Het zou zijn eerste en enige bezoek worden. "Amerikanen zijn wilden" verklaarde Freud achteraf. Meer wou hij niet kwijt over die trip en dat is natuurlijk - nu nog - voer voor speculaties. Hét ideale uitgangspunt voor een boek.

Voor de lezer is dit een interessant uitgangspunt omdat we niet alleen inzicht verwerven in het tijdsbeeld en het New York van vorige eeuw, maar ook een duidelijker beeld krijgen van de theorieen van Freud. Die theorieen lijken vandaag de dag nogal belachelijk - met name het oedipuscomplex ( alles vindt zijn oorsprong in een verdrongen seksuele binding tussen kind en ouder ) - maar zijn uiteindelijk toch de basis voor de hedendaagse psycho-analyse.

Freuds gedachtengoed wordt ietwat populair voorgesteld aan de hand van een soort case studie, een heus moordverhaal. Dit komt de leesbaarheid van het boek ten goede. Het zet je aan tot lezen. Het wordt een soort page-turner. Anderzijds komt de plot nogal geforceerd over. Uiteindelijk blijf je achter met de vraag wat nu het belangrijkste is/was : het beeld van New York, Freud zijn ideeen of het verhaal zelf ? Een heleboel dat tot nadenken aanzet.

Leuk toetje : Shakespeares Hamlet en de theorieën rondom het beruchte citaat 'to be or not to be'.

14-09-10

Wat is vrijheid ?

'De Zahir' van Paulo Coelho heeft ons een boel doen nadenken over het begrip vrijheid. Je kan vrij makkelijk stellen dat vrijheid zin geeft aan het leven, alleen moet je dat begrip nog altijd weten op te vullen. En daar ging onze discussie vorige donderdag over.

"Vrijheid is kunnen doen waar je zin in hebt", zo stelde Iphigeneia.
"En wat houdt dat precies in?" vroeg Gaea.
"Vrij simpel, tijd hebben en maken voor je hobbies. Uitgaan, naar concerten gaan, boeken lezen, reizen ... "
"Veel hobbies worden ons opgedrongen. Van vrijheid is dan geen sprake." wist Cybele.
"Wat bedoel je?" ik kon niet echt volgen.
"Een voorbeeldje: veel festivals zijn tegenwoordig uitverkocht omdat veel mensen het gevoel hebben dat ze er bij moeten horen. Niet omdat ze dat zelf willen."
"In feite wordt ons een boel opgedrongen. We moeten ons huishouden doen, werken om centjes te verdienen, als je kinderen hebt ben je daar een groot deel van je tijd mee bezig... Veel tijd schiet er niet over." ging Danu enthousiast verder.
"Vrijheid is geen rekening te moeten houden met je omgeving." wist Iphigeneia.
"Vrijheid is niks doen. Gewoon een dagje luieren, in de zetel gaan liggen en tv kijken." probeerde Danu.
"Je vervelen kan je niet echt vrijheid noemen." wist Gaea.
"Vrijheid is het gevoel hebben dat niemand je leven bepaalt." probeerde ik aan te vullen. "Ik spreek over een gevoel omdat in realiteit we steeds door anderen en de maatschappij beinvloed worden."
"Interessant", vond Gaea, "wat meteen inhoudt dat niemand vrij is."
"Vrijheid is aanvaarden dat je niet vrij bent." was de conclusie van Danu.


Maw : VRIJHEID BESTAAT NIET.

09-09-10

Paulo Coelho - The zahir (bespreking)

Inhoud:
Een internationaal beroemde schrijver is zo druk doende met zijn literaire werk en de plichtplegingen die dat met zich meebrengt, dat hij niet in de gaten heeft dat hij zich langzaam van zijn vrouw, Esther, verwijdert. Zij was de vrouw die hem zover gekregen had datgene te doen wat hij werkelijk wilde: een boek schrijven. Dat boek, over een pelgrimstocht naar Santiago, beleefde een stille triomf over de wereld en werd gevolgd door een mondiale bestseller over een jongen die op zoek gaat naar een schat. Op het toppunt van zijn roem, wanneer zij in Parijs bij hem is ingetrokken, neemt Esther het besluit oorlogscorrespondente te worden. Ze wil weten waarom de mensen niet gelukkig zijn en denkt daar achter te komen in een oorlogssituatie.

Het laatst wordt zij in Parijs gezien met een man met Mongoolse trekken. Dan is ze ineens verdwenen en verdenkt men in eerste instantie de schrijver hiermee iets van doen te hebben. Wat volgt is een lange tocht waarin hij naar zijn verdwenen geliefde op zoek is - een odyssee die hem de ruimte geeft na te denken over zijn relatie met Esther, over de liefde en over verdwijnende culturen waarin liefde een centrale plaats heeft.

Oordeel:
Dit is een boek dat je niet op 1 2 3 uit hebt. Het verhaal leest op zich redelijk vlot, maar wat je leest stemt tot nadenken. Maw: af en toe heb ik het boek naast me neergelegd om wat te filosoferen. Alleen of samen met de andere heksjes.

Het onderwerp van het boek, de zin van het leven, is de kernvraag die iedereen zich wel eens stelt. Wat maakt het leven boeiend? 'Vrijheid' is een voor de hand liggend antwoord. Alleen: wat is vrijheid? De mogelijkheid om zelf te kiezen en te beslissen. Klinkt voor de hand en toch is er een grote 'maar'. Want al onze keuzes, al onze beslissingen worden al dan niet bewust beinvloed door onze naasten en het algemeen gedachtegoed. We houden met andere woorden rekening met wat anderen van ons denken en verwachten.

Die factoren die ons verhinderen vrij te zijn (ongeacht de definitie van vrijheid), noemt men - als ze extreme vormen aannemen - een obsessie ofte onze Zahir. "Zahir is Arabisch en betekent: zichtbaar, aanwezig, onmogelijk om onopgemerkt te blijven. Iets wat of iemand die, wanneer we ermee in contact komen, langzaam beslag legt op onze gedachten zodat we ons uiteindelijk op niets anders meer kunnen concentreren. Dit kan men zien als heiligheid, of waanzin".

De verdienste van Paulo Coelho is dat hij ons genoeg elementen aanrijkt om over na te denken. Oplossingen mag je bij het lezen van dit boek niet verwachten. Zelf vond ik dat enorm boeiend. Anderen noemen dat saai en een obstakel. Want al die filosofische beschouwingen halen de vaart uit het boek. Het verhaal zelf wordt er een pak minder interessant door. Meer nog: het wordt slechts bijzaak.

07-09-10

Paulo Coelho - The zahir (railway tracks quote)

I went to a train station today and learned that the distance between railway tracks is always 143.5 centimeters, or 4 feet 8½ inches. Why this absurd measurement? I asked my girlfriend to find out and this is what she discovered. When they built the first train carriages, they used the same tools as they had for building horsedrawn carriages. And why that distance between the wheels on carriages? Because that was the width of the old roads along which the carriages had to travel. And who decided that roads should be that width? Well, suddenly, we are plunged back into the distant past. It was the Romans, the first great road builders, who decided to make their roads that width. And why? Because their war chariots were pulled by two horses, and when placed side by side, the horses they used at the time took up 143.5 centimeters.

 “So the distance between the tracks I saw today, used by our state-of-the-art high-speed trains, was determined by the Romans. When people went to the United States and started building railways there, it didn’t occur to them to change the width and so it stayed as it was. This even affected the building of space shuttles. American engineers thought the fuel tanks should be wider, but the tanks were built in Utah and had to be transported by train to the Space Center in Florida, and the tunnels couldn’t take anything wider. And so they had to accept the measurement that the Romans had decided was the ideal. ”

 “It has everything to do with marriage. At some point in history, someone turned up and said: When two people get married, they must stay frozen like that for the rest of their lives. You will move along side by side like two tracks, keeping always that same distance apart. Even if sometimes one of you needs to be a little farther away or a little closer, that is against the rules. The rules say: Be sensible, think of the future, think of your children. You can’t change, you must be like two railway tracks that remain the same distance apart all the way from their point of departure to their destination. The rules don’t allow for love to change, or to grow at the start and diminish halfway through—it’s too dangerous. And so, after the enthusiasm of the first few years, they maintain the same distance, the same solidity, the same functional nature. Your purpose is to allow the train bearing the survival of the species to head off into the future: your children will only be happy if you stay just as you were—143.5 centimeters apart. If you’re not happy with something that never changes, think of them, think of the children you brought into the world.

“Think of your neighbors. Show them that you’re happy, eat roast beef on Sundays, watch television, help the community. Think of society. Dress in such a way that everyone knows you’re in perfect harmony. Never glance to the side, someone might be watching you, and that could bring temptation; it could mean divorce, crisis, depression.

“Smile in all the photos. Put the photos in the living room, so that everyone can see them. Cut the grass, practice a sport—oh, yes, you must practice a sport in order to stay frozen in time. When sport isn’t enough, have plastic surgery. But never forget, these rules were established long ago and must be respected. Who established these rules? That doesn’t matter. Don’t question them, because they will always apply, even if you don’t agree with them.”

13:56 Gepost door Mieke in Bedenkingen, Boek, Citaat | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

08-04-10

Boek: Elia Barcelo, stemmen uit het verleden

elia barceloAls Katia Steiner in Rome de nalatenschap van de beroemde wetenschapper José María Valcárcel helpt inventariseren, stuit zij op enkele raadselachtige documenten. Het blijken aantekeningen van de gestorven geleerde zelf, waarin ze leest over een geheim genootschap, de Club van Dertien, en over schilderijen die de sleutel zijn tot een mysterie. Katia raakt steeds meer gefascineerd, maar ze is niet de enige: er zijn mensen die bereid zijn tot het uiterste te gaan om Valcárcels notities in handen te krijgen. Katia begint aan een gevaarlijke reis die haar naar een duistere wereld voert. Ze verliest er haar hart - en vindt haar eigen identiteit.

---

Stemmen uit het verleden is het tweede boek van Barcelo dat ik lees en ook nu weer was ik meteen verkocht.

De personages zijn goed uitgewerkt en menselijk. Katia bijvoorbeeld is een jonge vrouw die zich uit gebrek aan een partner eenzaam voelt en zich volledig onderdompeld met werk.

Ook het verhaal greep me aan. Wie droomt er niet van om een schilderij in te duiken en je onder te dompelen in een fictieve wereld? Of die fictieve werelden beter zijn dan de onze, dat laat ik volledig in het midden. En bovendien: als je het bekijkt vanuit het standpunt van een personage uit wereld B, wat is dan "de werkelijkheid"? Ik weet het, ik trek graag alles in twijfel. Vandaar ook dat dit boek echt ideaal was voor mij...

Sommigen beweren dat dit verhaal gepikt is van 'harry potter' (via een toverspreuk in een andere wereld terechtkomen, vliegende paarden, ...) en/of de 'da vinci code' (naar mijn bescheiden mening nogal vergezocht). Als we het dan toch met een ander verhaal moeten vergelijken, dan zou ik eerder willen verwijzen naar Rosie, een boek van Stephen King. Ook hier komt een vrouw via een schilderij terecht in een virtuele wereld. Maar daar houdt elke vergelijking op. Soit, als je rekening houdt met het feit dat er een gigantische hoeveelheid boeken bestaan, dan zal er altijd wel eentje lijken op het andere, niet?

Tenslotte nog dit: het is een verhaal met heel wat rare wendingen. Vooral het slot is totaal onverwacht. Een aantal puzzelstukjes vallen dan op zijn plaats, maar roepen toch nog een aantal (onbeantwoorde) vragen op. Vandaar dat ik na het lezen er zelf nog een vervolg aan heb bijgedroomd... Een ideaal boek om de werkelijkheid even te vergeten.

12:36 Gepost door Mieke in Boek | Permalink | Commentaren (1) | Tags: boek, elia barcelo, stemmen uit het verleden |  Facebook |

12-02-10

Dennis Lehane - De infiltrant

In het Boston van 1918/1919 broeit het. De politie maakt jacht op subversieve elementen zoals communisten, trotskisten, anarchisten, maar ook op vakbondsleiders die oproepen tot actie tegen uitbuiting en onderbetaling. Tegen de achtergrond van het einde van de Eerste Wereldoorlog en de duizenden slachtoffers makende Spaanse griep wordt politieman Danny Coughlin ingezet om te infiltreren in de vijandelijke bewegingen die zich populair maken bij de door armoede geteisterde bevolking. Tegelijkertijd probeert de zwarte Luther Laurence zijn bestaan weer op te bouwen nadat hij gevlucht is na een onderwereldfiguur in Tulsa vermoord te hebben. Een turbulente tijd beschreven in een grootse roman waarin historische figuren zoals J. Edgar Hoover, Babe Ruth, Eugene O'Neill en anderen een rol spelen en waarin ook rassenvooroordelen de samenleving verzieken. Met boeiende en krachtige personages worden de thema's trouw, verraad, onrecht en vooroordeel op een knappe manier uitgewerkt. Dat alles in een goed opgebouwd verhaal met een spannend plot.

Het klinkt misschien crue, maar: voor het verhaal moet je dit boek niet lezen. In vele recensies wordt er gesproken over 'een goed opgebouw verhaal en spannend plot', maar dit moet je met een korreltje zout nemen. Het boek is een turf van meer dan 600 pagina's. Het verhaal zelf deed er wat mij betreft niet toe. Waar het mij om te doen was, was de sfeer. Het tijdperk waarin het verhaal zich afspeelt: een woelige periode tijdens en na de eerste wereldoorlog. Amerika maakt de industriele revolutie door waarbij vooral de rijke klasse voordeel bij heeft. De gewone werkmens, in zoverre ze werk hebben, is er de dupe van. Lonen zijn zo laag dat de meeste mensen in armoede leven. En daar komt onrust van. 

Het is die gedetailleerde beschrijving van personages en omgeving dat het boek wat mij betreft enorm interessant maakt. Toegegeven, het vraagt een boel doorzettingsvermogen en aandacht, maar uiteindelijk krijg je een gedetailleerd idee van de historische achtergrond. Ik was perfect instaat me te verplaatsen naar het tussen-oorlogse-tijdperk, kreeg een inzicht in de vele problemen en voelde als het ware de armoede en miserie. Een intense ervaring !

12:30 Gepost door Mieke in Boek | Permalink | Commentaren (0) | Tags: dennis lehane, de infiltrant |  Facebook |

14-01-10

Lisbeth Salander

Vanmorgen een interessant artikel over Lisbeth Salander gelezen. Dit naar aanleiding van het verschijnen van 'de vrouw die met vuur speelde' in de cinema. (bron: de standaard)

Een meisje met piercings en tatoeages dat in gelijk welk computernetwerk kan inbreken, aanvallers in het gezicht schopt en sjoemelende gerechtsdienaars desnoods aan het plafond ketent om ze tot bekentenissen te dwingen: geef toe dat het tot de verbeelding spreekt. Dat Stieg Larsson de drie dikke thrillers die hij schreef, baseerde op zijn ervaring als journalist: het lijkt de kers op de taart, en niet de taart zelf.

De onwaarschijnlijke heldin van de boeken gaat met alle aandacht lopen: volgens velen is ze 'het nieuwe gezicht van het feminisme'. De Spaanse krant La Van-guardia publiceerde vorig jaar een lang essay over 'de ethiek van Lisbeth Salander'. Larsson heeft ooit geopperd dat Lisbeth een autistisch kantje had, en enkele wetenschappelijke studies hebben haar probleem nu al benoemd: Salander zou een typevoorbeeld zijn van iemand met het Asperger-syndroom, maniakaal geconcentreerd, vaak erg slim, maar niet bijzonder empathisch.

Het ongelooflijkste is dan ook dat Stieg Larsson Salander op een bestaand personage baseerde. Zijn nichtje Therese heeft een forse tatoeage op haar rug - zij het niet van een draak - en was in haar tienerjaren een goth-meisje met zwart geverfd haar en eeuwige Doc Martens. Therese Larsson werd gelukkig niet seksueel misbruikt, maar vocht in haar tienerjaren wel met een zware depressie en anorexia, net als Salander. 'De eetproblemen begonnen toen ik veertien was', zei ze tegen de Zweedse avondkrant Expressen. 'Helemaal kwijtraken zal ik die anorexia niet, maar rond mijn zeventiende leerde ik er wel mee om te gaan.'

Stieg Larsson noemde Salander vaak schertsend 'een volwassen Pippi Langkous'. Maar vlak voor zijn onverwachte dood aan een hartaanval in 2004, tijdens zijn laatste familiebezoek in Umeå, wees hij Therese expliciet als inspiratiebron aan. 'Lisbeth is als Therese: zacht aan de buitenkant, maar met een duivel binnenin.'

Therese kan wel met haar papieren alter ego leven. 'Net als ik geeft ze nooit op. En ze wil anderen helpen: zelfs toen ik zelf heel diep zat, ging ik met daklozen in Stockholm praten.'

Het sociale kantje deelde ze met haar oom Stieg. 'We mailden en belden elkaar elke dag', geeft Therese toe. 'Stieg kon goed luisteren. Mijn contacten met hem waren mijn therapie. Dat mijn problemen hem hebben geïnspireerd, is een faire ruil.'

09-01-10

Stieg Larssen - Gerechtigheid

gerechtigheidPas gelezen: het derde en laatste deel uit de trilogie van Stieg Larssen. Over de inhoud ga ik hier zwijgen, om het plezier van de mensen die nog met het tweede deel bezig zijn niet te vergallen.

Na het iet wat teleurstellende tweede deel, heb ik even geaarzeld alvorens me aan het derde deel te beginnen. Gerechtigheid is nog dikker dan de vorige twee en bovendien leek me het onderwerp een stuk minder interessant. Wie zit er nu te wachten op een verhaal over een rechtzaak?

Maar tot mijn grote verrassing was dit boek het beste van de drie. Ik weet wel, de meeste mensen die ik ken, zullen dit ontkennen. Zelf had ik de indruk dat de pagina's voorbijvlogen. Het verhaal is reeds vanaf het begin redelijk spannend. Geen honderd pagina durende inleiding zoals bij de twee vorige boeken. Dit was ook niet nodig, als je weet dat dit boek eigenlijk het vervolg is van het tweede.

In het derde deel wordt het onderwerp mensenhandel verder uitgediept. Het blijkt een complot te zijn van machtige mannen die kost wat kost hun misdaden willen verdoezelen. Het is een samenzwering die de hele staat op zijn grondvesten doet daveren. Het verhaal doet een beetje denken aan de toestanden hier in Belgie ten tijde van Dutroux. Bij ons werd het allemaal afgedaan als verzinsels, maar intussen weet ik: de waarheid overtreft dikwijls de fictie. Maar dit terzijde.

Nog even meegeven: voorkennis is enorm belangrijk voor dit boek. Hiermee bedoel ik dat je best eerst deel 1 en deel 2 van de trilogie leest. Anders mis je een groot deel van het verhaal...

En nu wordt het afkicken: want door de vroegtijdige dood van auteur Stieg Larssen zal er van een vervolg jammer genoeg geen sprake meer zijn. Misschien moet ik zelf maar een verhaal dromen. Want 1 ding weet ik zeker: het personage van Lisbeth wist me te boeien...

Nu nog een andere schrijver vinden die minstens even goed is... Onmogelijk?

Ook 'mannen die vrouwen haten' en 'de vrouw die met vuur speelde' werd reeds op deze blog besproken. Klik hier voor meer.

18:15 Gepost door Mieke in Boek | Permalink | Commentaren (3) | Tags: stieg larssen, gerechtigheid |  Facebook |

31-12-09

De jongen in de gestreepte pyjama

Toen Bruno op een middag uit school kwam, trof hij tot zijn verbazing Maria aan in zijn slaapkamer.  het dienstmeisje dat altijd met gebogen hoofd naar het vloerkleed staarde en nooit opkeek – die bezig was om al zijn spullen uit de klerenkast te halen en in vier grote houten kratten te pakken, zelfs de dingen die hij achter in de kast had verstopt en die van hem waren en waar niemand aan mocht komen.

'Wat bent u aan het doen?’ vroeg hij zo beleefd mogelijk, want ook al beviel het hem helemaal niet om bij thuiskomst te merken dat er iemand aan zijn spullen zat, zijn moeder had hem altijd gezegd dat hij Maria met respect diende te behandelen en niet zomaar de toon waarop zijn vader tegen haar sprak mocht nadoen. ‘Blijf van mijn spullen af.’ Maria schudde haar hoofd en wees naar de trap achter hem, waar zojuist Bruno’s moeder was verschenen. Ze was een rijzige vrouw met lang rood haar dat ze in een soort knot met een netje achter op haar hoofd droeg; ze wrong nerveus haar handen alsof ze iets moest vertellen wat ze liever niet vertelde of iets moest geloven wat ze liever niet geloofde.
‘Moeder,’ zei Bruno, op haar af stappend, ‘waarom is dit? Wat doet Maria met mijn spullen?’
‘Ze pakt ze in,’ legde moeder uit.
‘Pakt ze in?’ vroeg hij. Snel ging hij de gebeurtenissen van de afgelopen paar dagen na om te zien of hij erg ondeugend was geweest of hardop de woorden had gezegd die hij niet mocht zeggen en daarom werd weggestuurd. Maar hij kon niets bedenken. Eigenlijk had hij zich de laatste dagen tegenover iedereen heel keurig gedragen en kon hij zich niet één keer herinneren dat hij trammelant had veroorzaakt.
‘Waarom?’ vroeg hij toen. ‘Wat heb ik gedaan?’ Moeder was ondertussen haar eigen slaapkamer binnengelopen, maar Lars, de butler, was daar bezig om ook haar spullen in te pakken. Ze zuchtte en wierp getergd haar handen omhoog voor ze terug naar de trap stevende, gevolgd door Bruno die het er niet zomaar bij liet zitten. ‘Moeder,’ drong hij aan. ‘Wat is er aan de hand? Gaan we verhuizen?’ ‘Kom met me mee naar beneden,’ zei moeder en ging hem voor naar de grote eetkamer waar vorige week de Furie te eten was geweest. ‘Daar kunnen we praten.’ Bruno rende naar beneden en liep haar op de trap zelfs voorbij zodat hij al in de eetkamer zat toen ze binnenkwam. Hij keek haar even aan zonder iets te zeggen en dacht bij zichzelf dat ze zich die ochtend zeker niet goed had opgemaakt omdat haar oogleden roder waren dan normaal, net als die van hem als hij trammelant had veroorzaakt, en daarvoor straf had gekregen en het op huilen was uitgelopen.

‘Je hoeft niet bang te zijn, Bruno,’ zei moeder, terwijl ze in de stoel ging zitten waar de mooie blonde vrouw die met de Furie was meegekomen had gezeten en die naar hem had gezwaaid toen vader de deuren dichtdeed. ‘Eigenlijk zou je kunnen zeggen dat het één groot avontuur wordt.’ ‘Wat dan?’ vroeg hij. ‘Word ik weggestuurd?’ ‘Nee, jij niet alleen,’ zei ze en een moment leek het of ze moest lachen maar van gedachten veranderde. ‘Wij allemaal. Je vader en ik, Gretel en jij. Alle vier.’
Daar dacht Bruno over na en hij trok een rimpel in zijn voorhoofd. Hij vond het niet erg als Gretel werd weggestuurd want ze was toch een hopeloos geval dat hem alleen maar last bezorgde. Maar dan was het wel een beetje oneerlijk dat zij allemaal mee moesten.
‘Maar waarheen?’ vroeg hij. ‘Waar gaan we precies naartoe? Waarom kunnen we niet hier blijven?’
‘Je weet toch hoe belangrijk vaders werk is?’ begon moeder. ‘Ja, natuurlijk,’ zei Bruno knikkend, omdat er altijd zoveel bezoekers kwamen – mannen in prachtige uniformen, vrouwen met typemachines waar hij niet aan mocht zitten met zijn vieze vingers – die altijd heel beleefd waren tegen vader en tegen elkaar zeiden dat hij een man was om in de gaten te houden en dat de Furie grote plannen met hem had.
‘Nou, soms, als iemand heel erg belangrijk is,’ ging moeder door, ‘vraagt zijn baas hem om ergens anders naartoe te gaan omdat daar heel bijzonder werk gedaan moet worden.’

‘Wat voor werk?’ vroeg Bruno, want als hij eerlijk was – wat hij altijd probeerde te zijn – wist hij eigenlijk niet precies wat voor werk vader deed. Op school hadden ze het een keer over hun vaders gehad en Karl had verteld dat zijn vader groenteman was, wat klopte wist Bruno omdat hij de groentewinkel in het centrum had. En Daniël had verteld dat zijn vader leraar was, wat ook klopte omdat hij lesgaf aan de grote jongens bij wie je altijd maar beter uit de buurt kon blijven. En Martin had verteld dat zijn vader kok was, wat klopte omdat hij Martin soms van school afhaalde en dan droeg hij altijd een witte kiel en een geruite schort alsof hij zo uit de keuken kwam. Maar toen ze aan Bruno vroegen wat zijn vader deed opende hij zijn mond om dat te vertellen maar realiseerde zich toen dat hij dat zelf niet wist. Het enige wat hij wist te zeggen was dat zijn vader een man was om in de gaten te houden en dat de Furie grote plannen met hem had. En, o ja, dat hij ook een prachtig uniform droeg.
‘Heel belangrijk werk,’ zei moeder die even aarzelde. ‘Werk dat alleen door een heel bijzonder iemand kan worden gedaan. Dat begrijp je toch wel?’ ‘En moeten we allemaal mee?’ vroeg Bruno.
‘Maar natuurlijk,’ zei moeder. ‘Je zou toch niet willen dat vader in zijn eentje daar naartoe ging en daar helemaal alleen zou moeten zitten?’ ‘Nee, dat niet,’ zei Bruno.
‘Vader zou ons allemaal vreselijk missen als we niet bij hem waren,’ voegde ze eraan toe.

‘Wie zou hij het meeste missen?’ vroeg Bruno. ‘Mij of Gretel?’ ‘Hij zou jullie allebei evenveel missen,’ zei moeder want ze was een groot voorstander van gelijke behandeling, wat Bruno respecteerde, vooral omdat hij wist dat hij eigenlijk haar lievelingetje was.
‘Maar ons huis dan?’ vroeg Bruno. ‘Wie past erop als wij weg zijn?’ Moeder zuchtte en keek de kamer rond alsof ze die misschien nooit meer zou zien. Het was een heel mooi huis met wel vijf verdiepingen, als je het souterrain meerekende waar kokkie al het eten bereidde en Maria en Lars ruzie maakten aan tafel en elkaar uitscholden voor dingen die je niet mocht zeggen. En als je er het zolderkamertje boven in het huis met de schuine ramen bij optelde waar Bruno over heel Berlijn kon uitkijken als hij op zijn tenen stond en zich stevig vasthield aan het kozijn.
‘Voorlopig moeten we het huis afsluiten,’ zei moeder. ‘Maar ooit komen we hier weer terug.’
‘En kokkie dan?’ vroeg Bruno. ‘En Lars? En Maria? Blijven die hier niet wonen?’ ‘Die gaan met ons mee,’ legde moeder uit. ‘Maar nu genoeg gevraagd voor vandaag. Misschien moest je maar eens naar boven gaan en Maria helpen met je spullen inpakken.’

Bruno stond op maar ging nergens naartoe. Er waren nog een paar vragen waar hij antwoord op wilde hebben voor hij het onderwerp naast zich neer kon leggen. ‘En hoe ver is het?’ vroeg hij. ‘Het nieuwe werk, bedoel ik. Is het verder dan een kilometer?’
‘Lieve help,’ zei moeder lachend, maar het was een vreemd soort lachen omdat ze niet blij keek en zich van Bruno afwendde alsof ze niet wilde dat hij haar gezicht zag. ‘Ja Bruno,’ zei ze. ‘Het is verder dan een kilometer. Heel veel verder, om je de waarheid te zeggen.’
Bruno’s ogen werden groot en zijn mond viel open. Hij voelde hoe zijn armen zich naar opzij uitstrekten wat ze altijd deden als iets hem verraste. ‘U bedoelt toch niet dat we uit Berlijn weggaan?’ vroeg hij terwijl hij naar lucht hapte en de woorden naar buiten perste.
‘Ik ben bang van wel,’ zei moeder bedroefd knikkend met haar hoofd. ‘Het werk van je vader is...’
‘Maar school dan?’ zei Bruno, haar in de rede vallend, wat niet mocht maar wat hem deze keer waarschijnlijk niet kwalijk genomen zou worden. ‘En Karl en Daniël en Martin? Hoe weten die waar ik ben als we samen iets willen doen?’ ‘Je zult je vrienden voorlopig gedag moeten zeggen,’ zei moeder. ‘Maar over een tijdje zie je ze vast weer. En val je moeder niet in de rede alsjeblieft als ze tegen je praat,’ voegde ze eraan toe, want ook al was dit vreemd en onwelkom nieuws, dan was dat nog geen reden voor Bruno om de beleefdheidsregels te overtreden die hem waren bijgebracht.
‘Ze gedag zeggen?’ vroeg hij terwijl hij haar stomverbaasd aanstaarde. ‘Ze gedag zeggen?’ herhaalde hij sputterend alsof zijn mond vol koekjes zat die hij heel fijn had gekauwd maar nog niet had doorgeslikt. ‘Karl en Daniël en Martin gedag zeggen?’ vervolgde hij met een stem die gevaarlijk dicht op schreeuwen begon te lijken, wat niet mocht in huis. ‘Maar dat zijn mijn drie beste vrienden voor altijd!’

‘Ach, je krijgt wel nieuwe vrienden,’ zei moeder en maakte een wegwerpgebaar met haar hand alsof het voor een jongen makkelijk was om drie beste vrienden voor altijd te krijgen.
‘Maar we hadden een heleboel plannen,’ protesteerde hij. ‘Plannen?’ vroeg moeder en trok een wenkbrauw op. ‘Wat voor plannen?’ ‘Dan zou ik het verklappen,’ zei Bruno, die niet precies wilde zeggen waar die plannen over gingen en ook niet dat ze een hoop trammelant zouden veroorzaken, vooral over een paar weken als de zomervakantie begon en ze zich niet alleen maar hoefden bezig te houden met plannen bedenken maar ze eindelijk ook eens konden uitvoeren.
‘Het spijt me, Bruno,’ zei moeder, ‘maar je plannen zullen moeten wachten. We hebben geen keus.’
‘Maar moeder!’
‘Bruno, zo is het genoeg,’ zei ze, maar nu klonk ze kortaf en stond ze op als teken dat ze meende wat ze zei. ‘Mijn hemel, nog maar een week geleden klaagde je dat hier de laatste tijd zoveel dingen waren veranderd.’ ‘Nou, ik vind het niet leuk dat we nu ’s avonds alle lichten uit moeten doen,’ gaf hij toe.
‘Iedereen moet dat,’ zei moeder. ‘Het is voor onze veiligheid. En wie weet, misschien lopen we minder gevaar als we verhuizen. Ga nu maar naar boven om Maria te helpen inpakken. We hebben niet zoveel tijd als ik had gewild om alles voor te bereiden, dankzij sommige mensen.’
Bruno knikte en liep bedroefd de kamer uit. Hij wist dat ‘sommige mensen’ een grotemensenuitdrukking was voor ‘vader’, eentje die hij zelf niet mocht gebruiken.

Langzaam klom hij de trap op met een hand op de leuning, terwijl hij zich afvroeg of het nieuwe huis in de nieuwe stad waar het nieuwe werk was ook zo’n fijne trapleuning zou hebben om van af te glijden als deze. Want de trapleuning in dit huis liep helemaal van de bovenste verdieping – net buiten het zolderkamertje waar hij, als hij op zijn tenen stond en zich stevig vasthield aan het kozijn, over heel Berlijn kon uitkijken – tot aan de begane grond, vlak voor de twee enorme eiken deuren. Bruno vond niets heerlijker dan helemaal boven op de leuning te gaan zitten en luid gierend het hele huis door te roetsjen. Dan gleed hij van de bovenste verdieping naar die daaronder, waar de kamer van zijn vader en moeder was, en de grote badkamer, waar hij sowieso niet mocht komen. Dan naar de verdieping daaronder, waar zijn eigen kamer was, en ook die van Gretel, en de kleine badkamer waar hij minder vaak kwam dan eigenlijk zou moeten. Dan door naar beneden, waar je van het eind van de trapleuning viel en op je twee voeten moest landen anders werden er vijf punten afgetrokken en moest je weer van voren af aan beginnen.
De trapleuning was het fijnste van het huis – dat én dat grootvader en grootmoeder zo dichtbij woonden – en toen hij daaraan dacht vroeg hij zich af of zij ook meegingen naar het nieuwe werk, hij nam aan van wel omdat je ze moeilijk achter kon laten. Gretel kon iedereen missen omdat ze een hopeloos geval was – ze kon veel beter hier blijven om op het huis te passen – maar grootvader en grootmoeder? Nou, dat was heel wat anders. Bruno ging langzaam de trap op naar zijn kamer, maar voor hij naar binnen ging keek hij nog even naar beneden en zag dat moeder vaders werkkamer in liep, die tegenover de eetkamer lag – en die Verboden Terrein was. Altijd. Zonder Uitzondering – en hij hoorde haar hard tegen hem praten tot vader nog harder begon te praten dan moeder kon praten, wat een einde aan het gesprek maakte. Toen ging de deur van de werkkamer dicht en kon Bruno niets meer horen dus leek het hem een goed idee om terug naar zijn kamer te gaan om zelf zijn spullen in te pakken, want anders trok Maria misschien alles zonder erbij na te denken zomaar uit de kast, zelfs de dingen die hij achterin had verstopt en die van hem waren en waar niemand aan mocht komen.

( een bespreking van het boek vind je hier )

29-12-09

Boek: de jongen in de gestreepte pyjama (John Boyne)

fence
Berlijn 1943. Als de negenjarige Bruno op een dag uit school komt, zijn al zijn spullen in kratten gepakt. Zijn vader heeft promotie gekregen, en Bruno en zijn familie moeten verhuizen naar een plek die ver weg is, waar niets te doen is en waar niemand is om mee te spelen. Hun nieuwe huis staat naast een hek dat zich uitstrekt zover het oog maar reikt, een hek dat Bruno afschermt van de vreemde mensen die hij daarachter ziet bewegen.
Bruno wil ontdekkingsreiziger worden en besluit op onderzoek uit te gaan. Op een van zijn tochten ontmoet hij een jongen wiens leven en omstandigheden zeer verschillen van dat van hem. Toch sluiten de jongens vriendschap, maar het is een vriendschap die niet zonder gevolgen blijft...

'De jongen in de gestreepte pyjama' is een vrij eenvoudig en vlot geschreven boek dat je tegelijkertijd emotioneel raakt. Het valt op door de subtiele stijl en de indirecte beschrijving van de verschrikking die Bruno voor ogen ziet.

Je bent voor of tegen. Ofwel laat je je meeslepen door het verhaal ofwel vind je het maar niks. Vele lezers geloven namelijk niet dat Bruno zelf niet begrijpt wat er zich aan de andere kant van het hek afspeelt. Treffend in dat verband is het gesprek tussen Bruno (een duitse jongen) en Schmuel (de joodse jongen aan de andere kant) over de trip richting kamp. "Je had onze trein moeten nemen, die zat niet zo vol als die van jullie." Ook het woord 'furie' vond ik schitterend (al is dat woord in deze context niet echt gepast).

John Boyne verwoordde het zelf zo: Fences, such as the one at the heart of The Boy In The Striped Pajamas, continue to exist; it is unlikely that they will ever fully disappear. But whatever reaction my story causes you, I hope that the voices of Bruno and Shmuel will continue to resonate with you as they have with me since I completed writing the novel. Their lost voices must continue to be heard; their untold stories must continue to be recounted. For they represent the ones who didn’t live to tell their stories themselves.

14-12-09

Dan Brown - het verloren symbool (the lost symbol)

lost symbolInhoud

Robert Langdon wordt onder valse voorwendselen naar Washington gelokt: het epicentrum van de wereldmacht en de stad met de grootste verborgen geheimen uit de geschiedenis. Na aankomst in het Capitool krijgt hij een telefoontje. Peter Solomon, vooraanstaand lid van de vrijmetselarij, filantroop en goede vriend van Langdon, is ontvoerd en verkeert in levensgevaar. Solomons kidnapper wil maar één ding: dat Langdon de codes van het mysterieuze genootschap ontcijfert en de legendarische macht die daardoor vrijkomt aan de kidnapper overdraagt.

Langdon kan niet anders dan het spel meespelen. Hij krijgt hulp van Katherine, Solomons zus, een vooraanstaand wetenschapper die de kracht van het menselijk denken bestudeert. Lukt het hen om op hun duizelingwekkende tocht de geheimen van Washington te ontraadselen? Want wat hadden de idealen van de geestelijke vaders van de Verenigde Staten gemeen met de denkbeelden van de vrijmetselarij? En kan die kennis het leven van Solomon en het lot van de wereld redden?

Lees hier het eerste hoofdstuk.

Mening

De vraag die iedere Dan Brown liefhebber zich de afgelopen weken heeft gesteld: is dit boek bij benadering even goed als al de voorgaande en de Da Vinci code in het bijzonder? Antwoord: NEE.

De verhaallijn van de Da vinci code werd simpelweg gekopieerd. Het begint dit keer niet in het Louvre maar in het Capitool. Robert Langdon vindt er geen lijk, maar wel een afgehakte hand. De hand van zijn vriend. Wat volgt is - net als bij de Da Vinci Code - een wedloop tegen de tijd. Ook nu weer staat het redden van de wereld centraal. Die wereld wordt bedreigt door een soort zwarte engel Mal'akh. Het is een reus vol tatoeages die herinneringen oproept aan Silas, de albino monnik uit de da Vinci Code. Ook nu weer moet Robert een aantal raadsels zien op te lossen en ook nu weer doet hij dat verbazingwekkend snel. (als je weet dat sommige geheimen en raadsels al eeuwen niet ontcijferd zijn)

Complottheorieën zijn dit maal gebaseerd op de vrijmetselarij en het concept van de noëtische wetenschap (“Advancing the science of consiousness and human experience to serve individual and collective transformation”.) Raar maar waar: normaal gezien heb ik bij een boek de neiging om me te verdiepen in de context. Bijvoorbeeld: als een boek zich afspeelt tijdens de spaanse burgeroorlog, dan wil ik daar alles over weten. Dit gevoel had ik nu niet.

Het verhaal begint veelbelovend maar naarmate het boek vordert wordt het meer en meer saaier. De vele beschrijvingen van mysteries en complotten nemen de vaart uit het boek, de plot zelf is ronduit ontgoochelend en bovendien voorspelbaar. De laatste 40 bladzijden (een soort nabeschouwing) zijn er te veel aan.

Tijd dat Dan Brown eens met een écht nieuw verhaal afkomt.

12-12-09

Stieg Larsson: De vrouw die met vuur speelde

devrouwdiemetvuurspeeldInhoud

Twee tegenpolen, Mikael Blomkvist en Lisbeth Salander. Hij is een charmante man en een kritische journalist van middelbare leeftijd, uitgever van het beroemde en beruchte tijdschrift Millennium. Zij is een jonge, gecompliceerde, uiterst intelligente vrouw met zwartgeverfd haar, piercings en tattoos én ze is een computerhacker van wereldklasse.

Drie moorden, één avond. De slachtoffers zijn twee journalisten die voor Millennium werkten aan een publicatie over mensensmokkel, en Nils Bjurman, de voogd van Lisbeth Salander. Op het moordwapen worden de vingerafdrukken aangetroffen van Lisbeth. Het hele politieapparaat komt in beweging, maar Lisbeth is onvindbaar. Blomkvist, overtuigd van Lisbeths onschuld, gaat langzamerhand een verband zien tussen de drievoudige moord en het artikel in wording over mensensmokkel. Dan wordt een vriendin van Lisbeth ontvoerd door een motorbende. Lisbeth laat het aankomen op een bloedige confrontatie met de onzichtbare bendeleider, Zala, een bekende uit haar verleden …

Oordeel

Eigenlijk zou je alles wat ik ooit gezegd heb over het eerste deel (mannen die vrouwen haten) hier kunnen herhalen. Het boek komt traag op gang. Zo krijgen we ondermeer een uitgebreide en niet echt relevante uiteenzetting over Lisbeth haar wereldreis voorgeschoteld. Ook nu weer had ik veel zin om het boek weg te leggen en ook nu weer kwam er op dat moment net vaart in het boek. In tegenstelling tot het eerste boek, wordt dit verhaal voornamelijk verteld vanuit het standpunt van Lisbeth. We krijgen te lezen wat ze in haar jeugd allemaal heeft moeten doorstaan en leren haar kennen als een wiskundegenie. Een genie die echter sociaal gehandicapt is. Wat tot het extreme geweld leidde of toch niet?

Met het personage van Mikael had ik het eerder moeilijk. Om een of andere reden vond ik hem niet meer sympathiek. Misschien omdat hij dit keer niet volledig achter Lisbeth staat? Ik weet het niet.

Het einde van het boek is redelijk explosief. Toch bleef ik met een aantal vragen achter. Ondanks de gedetailleerde beschrijvingen, heb ik toch het gevoel dat het mensen-handelaars-gedeelte niet volledig was uitgewerkt. Maar naar ik me heb laten vertellen, wordt daarover alles verteld in het derde (en jammer genoeg laatste) deel. Voorlopig begin ik er niet aan. Er zijn andere boeken die om aandacht schreeuwen.  :)

03-12-09

Stieg Larsson - De vrouw die met vuur speelde (hoofdstuk 1)

Ze lag met leren riemen vastgegespt op een smalle brits met een gehard stalen frame. Het tuig spande over haar borstkas. Ze lag op haar rug. Haar handen waren aan beidee kanten van haar heupen aan het bed vastgebonden.

Ze had al lang geleden haar pogingen opgegeven om los te komen. Hoewel ze wakker was, lag ze met haar ogen gesloten. Als ze haar ogen open zou doen, zou het donker om haar heen zijn, de enige lichtbron was een zwak streepje licht dat boven de deur naar binnen sijpelde. Ze had een vieze smaal in haar mond en verlangde ernaar haar tanden te kunnen poetsen.

Een deel van haar bewustzijn luisterde naar het geluid van voetstappen, die aangaven dat hij zou komen. Ze had geen idee hoe laat in de avond het was, behalve dat ze het gevoel had dat het te laat werd, dat hij niet meer zou komen.

Ze streepte weer een dag in haar hoofd af.
Het was de drieenveertigste dag in gevangenschap.

Haar neus kriebelde en ze draaide haar hoofd zodat ze haar neus langs het kussen kon schuren. Ze transpireerde. Het was warm en benauwd in de kamer. Ze was slechts gekleed in een nachthemd, dat om haar heen gewikkeld zat. Als ze haar heupen optilde, kon ze de stof net met haar wijsvinger en middelvinger vastpakken en het nachthemd aan de ene kant een centimeter per keer naar beneden schuiven. Ze herhaalde de procedure met haar andere hand.

Ze was niet bang, maar voelde daarentegen een steeds grotere opgekropte woede.

Tegelijkertijd werd ze gekweld door haar eigen gedachten die steeds weer overgingen in onaangename fantasieen over wat er met haar zou gebeuren. Ze haatte de gedwongen hulpeloosheid. Hoe ze ook probeerde om ergens anders aan te denken en zo de tijd te verdrijven en de feiten te verdringen, de angst sijpelde er altijd doorheen. Die hing als een gaswolk om haar heen en dreigde haar porien binnen te dringen en het leven te vergiftigen. Ze had ontdekt dat de beste manier om haar angst de baas te blijven was om te fantaseren over iets wat haar een gevoel van kracht gaf.

Ze was vermoedelijk even ingedommeld want ze had de stappen niet gehoord, maar was meteen klaarwakker toen de deur openging; Het licht dat door de deuropening naar binnen kwam, verblindde haar.
Hij was in elk geval gekomen.
Hij was lang. Ze wist niet hoe oud hij was, maar hij was volwassen. Hij had roodbruin samengeklit haar, een bril met een zwart montuur en een dun sikje. Hij rook naar aftershave.
Ze haatte zijn geur.
Hij stond haar de hele tijd zwijgend vanaf het voeteneinde van de brits aan te kijken.
Ze haatte zijn zwijgen.
Zijn gezicht bevond zich in de schaduw van het licht van de deuropening en ze zag alleen zijn silhouet. Hij zei opeens iets tegen haar. Hij had een donkere, duidelijke stem die elk woord laatdunkend benadrukte.
Ze haatte zijn stem.
Hij vertelde dat het haar verjaardag was en dat hij haar wilde feliciteren. Ze nam aan dat hij glimlachte.
Ze haatte hem.
Hij kwam dichterbij en liep om de brits heen naar het hoofdeinde. Hij legde de buitenkant van een vochtige hand op haar voorhoofd en gleed met zijn vingers langs haar haargrens in een gebaar dat vermoedelijk vriendelijk bedoeld was. Dit was zijn verjaardagscadeau aan haar.
Ze haatte zijn aanraking.

17-11-09

Karen Rose - Schreeuw voor mij

schreeuw (Bespreking boek volgt na inhoud)

In een kleine Amerikaanse stad wordt het naakte, in een deken gewikkelde lichaam van een jonge vrouw gevonden, die op brute wijze werd vermoord. Haar gezicht is ernstig verminkt en aan haar teen zit een mysterieus sleuteltje gebonden.

FBI-agent Daniel Vartanian wordt op de zaak gezet, ook al is hij nog ernstig getraumatiseerd door de recente dood van zijn ouders, die werden omgebracht door zijn broer, de seriemoordenaar Simon Vartanian. Dan worden er nog meer lichamen gevonden. De moorden vertonen opvallend veel gelijkenissen met de moord op Alicia Tremayne, dertien jaar vroeger. Het lijkt erop dat er een copycat-seriemoordenaar actief is die geen fouten maakt, tot de tweelingzus van Alicia plots in het stadje opduikt.

Waarom ik steeds weer dit soort boeken blijf lezen, weet ik nog altijd niet. Dit genre bezorgt me steeds weer slapeloze nachten. Ik kan niet echt tegen spanning, vindt de gruwelijkheden die worden beschreven akelig. Het raakt me meer dan ik zou willen toegeven... En toch blijf ik me steeds weer kwellen. Gekke Mie ben ik.

'Schreeuw voor mij' dendert in een hels tempo richting plot. Het is vlot geschreven en is een samenraapsel van korte scenes. Het is net een puzzel die pas op het einde in elkaar valt. Leuk (voor zover dit hier een gepast woord is) is dat elk stukje verteld wordt vanuit het oogpunt van de verschillende personages.

Toch ben ik niet zo enthousiast als bij de eerste thriller van Karen Rose (sterf voor mij). Ik mis de intense en kille sfeer uit het eerste boek. In dat boek voel je als het ware de adem van de seriemoordenaar in je nek. Je lijkt er mee te maken wat de verschillende slachtoffers voelen. Je voelt als het ware het moment waarop ze hun laatste adem uitblazen. Het deed je iets.

Nu lijkt al dat leed redelijk veraf. Ben ik te veel gewoon geraakt? "Je gaat voor me schreeuwen" is een zin die verschillende keren in het boek terugkomt. Maar daar bleef het bij. Het was niet echt iets wat me bang maakte.

Waar ik wel de creeps van kreeg: de heroïne-scene én het slot. Of moet ik nu net boos zijn om het open einde waardoor ik me ook het volgende boek (moord voor mij) zal moeten aanschaffen?

Conclusie: Leuk en vlot geschreven thriller. Alleen: ik ben meer gewoon.

19:13 Gepost door Mieke in Boek | Permalink | Commentaren (0) | Tags: karen rose, schreeuw voor mij, boek, bespreking |  Facebook |

11-11-09

Zwarte panter Ardennen / boek zwarte schaduw van Martyn Bedford

blackGrappig, net nu ik een boek gelezen heb over een zwarte panter die het platteland in Engeland onveilig maakt, gebeurt er in onze Ardennen (irl !!!) net hetzelfde. Toeval?

Het boek waarvan sprake, dat is zwarte schaduw van Martyn Bedford. Het verhaal:
De eigenzinnige Chloe Fortune gaat in het zwart gekleed, heeft dreadlocks en zit bepaald niet lekker in haar vel. Ze is altijd al 'anti' geweest: tegen de uitbreiding van het wegennet, tegen kernenergie, tegen het kapitalisme - eigenlijk tegen alles. Nu wil Chloe eens een keer vóór iets zijn.
Een mysterieus, panterachtig zwart dier houdt de boeren op de Engelse moors uit hun slaap, en trekt ook de aandacht van de zonderlinge natuurvorser Ethan Gray. Ethan is autonoom en zeker van zijn zaak, en leeft in zijn caravan letterlijk en figuurlijk aan de rand van de maatschappij. Misschien geeft het richting aan Chloe's leven wanneer ze Ethan in zijn missie volgt. Of misschien is Ethan zelf wel het doel waarnaar ze op zoek is.
Als het Ethan duidelijk wordt dat Chloe een zesde zintuig heeft - met haar pendel kan ze van alles de exacte locatie bepalen - gelooft hij dat hun kennismaking geen toeval is geweest. Ethan en Chloe gaan samen op zoek en ontdekken niet alleen de waarheid over het zwarte spookdier, maar ook die over henzelf, over elkaar en over de ware aard van obsessie.

Het uitgangspunt is een voor mij interessant gegeven: mensen die een onzichtbare mythe najagen. Zeker als je weet dat iedereen dit op zijn eigen manier doet. Chloe gevoelsmatig, Ethan maniakaal, een priester vanuit zijn geloof, een bioloog op basis van voetafdrukken, enz... Uiteindelijk leren we een heleboel over het wat en waarom van (ongewone) mensen. Vooral de persoon van Chloe sprak me enorm aan. Het doet me een beetje denken aan een van onze heksjes die eveneens met een pendel rondloopt.

Al bij al een interessant boek, alleen vond ik het af en toe een beetje saai en miste ik een beetje diepgang.

Klik hier voor n filmpje van de zwarte panter in de ardennen.

12:31 Gepost door Mieke in Boek | Permalink | Commentaren (0) | Tags: zwarte schaduw, martyn bedford, panter, ardennen |  Facebook |

07-11-09

Waren de Goden kosmonauten?

Even stilstaan bij de 'feiten' zoals ze vermeld staan in het boek. Later volgt mijn persoonlijke mening.

1. Op zich is het uitgangspunt van dit boek vrij simpel en geloofwaardig: de ruimte is oneindig groot. De kans dat er planeten bestaan die op de aarde gelijken is reeel. Met andere woorden: stellen dat we de enig levende wezens zijn in de cosmos is vrij belachelijk. Nu we weten dat er buitenaardse wezens bestaan, dan is het niet zo onaannemelijk te veronderstellen dat ze in hun evolutie verder staan dan wij. Met andere woorden: zij kunnen zich wel razendsnel van het ene melkweg stelsel naar het andere verplaatsen. Dit wil zeggen dat het aannemelijk is dat ze ons bezocht hebben.

2. Nu we weten dat we ooit bezoek hebben gekregen van aliens, rest ons enkel daar bewijzen van te zoeken. En die zijn er met overvloed. Enkele voorbeelden:

 De piri-reiskaarten :  deze kaarten zijn honderden jaren oud. Toch lijkt het alsof ze gebaseerd zijn op satellietfoto's. De afwijkingen die de kaart vertonen komen overeen met de voorstelling van de aarde als bol. En dat in een tijd dat men dacht dat de aarde plat was.

- De piramide van Cheops en de Egyptische beschaving in zijn geheel. Hierover later meer.

- De Nasca lijnen :  lijkt verdacht veel op een hedendaags vliegveld.

- Rotsschilderingen van de oermensen : portretten van ruimtereizigers. Bovendien neemt de schrijver van dit boek aan dat de aliens mensen bevrucht hebben en daardoor de evolutie een handje hebben geholpen. Hoe zou anders de homo sapiens ontstaan zijn?

- De stad Tiahuanaco in Peru.

The city lies at a height of over 13,000 ft, besides which it is miles from anywhere. Starting from Cuzco (Peru), you reach the city and the excavation sites after several days' travel by rail and boat. The plateau looks like the landscape of an unknown planet. Manual labour is a torture for anyone who is not a native. The atmospheric pressure is about half as low as it is at sea-level and the oxygen content of the air is correspondingly small. And yet an enormous city stood on this plateau.

En zo gaat het boek nog even door, honderden pagina's lang.

05-11-09

Erich von Daniken - Chariots of the gods

waren de goden kosmonautenBeeld je even in dat we in staat zijn door de ruimte te reizen. Spoedig ontdekken onze astronauten een planeet die op onze aarde lijkt. Meer nog: ze is bewoond!!! Bewoond door een volk dat sterk gelijkt op onze vroegere oermensen... Lees mee wat er gebeurt.  (Later probeer ik mijn punt duidelijk te maken, da's beloofd)

Our space travellers see beings making stone tools; they see them hunting and killing game with throwing spears; flocks of sheep and goats are grazing on the steppe; primitive potters are making simple household utensils. A strange sight to greet our astronauts!

But what do the primitive beings on this planet think about the monstrosity that has just landed there and the figures that climbed out of it? Let us not forget that we too were semi-savages 8,000 years ago. So it is not surprising when the semi-savages who experience this event bury their faces in the ground and dare not raise their eyes. Until this day they have worshipped the sun and the moon. And now something earthshaking has happened: the gods have come down from heaven!

From a safe hiding-place the inhabitants of the planet watch our space travellers, who wear strange hats with rods on their heads (helmets with antennae); they are amazed when the night is made bright as day (searchlights); they are terrified when the strangers rise effortlessly into the air (rocketbelts); they bury their heads in the ground again when weird unknown 'animals' soar in the air, droning, buzzing and snorting (helicopters, all-purpose vehicles), and lastly they take flight to the safe refuge of their caves when a frightening boom and rumble resounds from the mountains (a trial explosion). Undoubtedly our astronauts must seem like almighty gods to these primitive people.

Day by day the space travellers continue their laborious work and after some time a delegation of priests or medicine men will probably approach the astronaut whom their primitive instincts tell them is the chief in order to make contact with the gods. They bring gifts to pay homage to their guests. It is conceivable that our spacemen will rapidly learn the language of the inhabitants with the help of a computer and can thank them for the courtesy shown. Yet although they can explain to the savages in their own language that no gods have landed, that no higher beings worthy of adoration have paid a visit, it has no effect. Our primitive friends simply do not believe it. The space travelers came from other stars, they obviously have tremendous power and the ability to perform miracles. They must be gods! There is also no point in the spacemen trying to explain any help they may offer. It is all far beyond the comprehension of these people who have been so terrifyingly invaded. Although it is impossible to imagine all the things that might take place from the day of landing onwards, the following points might well figure on a preconceived plan:
Part of the population would be won over and trained to help search a crater formed by an explosion for fissionable matter needed for the return to earth. The most intelligent of the inhabitants would be elected 'king'. As a visible sign of his power, he would be given a radio set through which he could contact and address the 'gods' at any time.

Our astronauts would try to teach the natives the simplest forms of civilization and some moral concepts, in order to make the development of social order possible. A few specially selected women would be fertilised by the astronauts. Thus a new race would arise that skipped a stage in natural evolution.

We know from our own development how long it would take before this new race became space experts. Consequently, before the astronauts began their return flight to earth, they would leave behind clear and visible signs which only a highly technical, mathematically based society would be able to understand much much later.
An attempt to warn our proteges of dangers in store would have little chance of success. Even if we showed them the most horrifying films of terrestrial wars and atomic explosions, it would not prevent the beings living on this planet from committing the same follies any more than it now stops (almost) the whole of sentient humanity from constantly playing with the burning flame of war. While our space-ship disappears again into the mists of the universe, our friends will talk about the miracle—'the gods were here!' They will translate it into their simple language, turn it into a saga to be handed down to their sons and daughters and they will turn the presents and implements, and everything that the space travellers left behind into holy relics.

If our friends have mastered writing, they may make a record of what happened: uncanny, weird, miraculous. Then their texts will relate—and drawings will show— that gods in golden clothes were there in a flying boat that landed with a tremendous din. They will write about chariots which the gods drove over land and sea, and of terrifying weapons that were like lightning and they will recount that the gods promised to return. They will hammer and chisel in the rock pictures of what they had once seen: Shapeless giants, with helmets and rods on their heads, carrying boxes in front of their chests; balls on which indefinable beings sit and ride through the air; staves from which rays are shot out as if from a sun; strange shapes, resembling giant insects, which were vehicles of some sort. There are no limits to the fantasy of the illustrations that result from the visit of our space-ship. We shall sec later what traces the 'gods' who visited the earth in our remote antiquity engraved on the tablets of the past. It is quite easy to sketch the subsequent development of the planet that our space-ship visited. The inhabitants have learnt a lot by watching the 'gods' surreptitiously; the place on which the space-ship stood will be declared holy ground, a place of pilgrimage, where the heroic deeds of the gods will be praised in song. Pyramids and temples will be built on it—in accordance with astronomic laws, of course.

The people grows, there are wars that devastate the place of the gods, and then come generations who rediscover and excavate the holy places and try to interpret the signs. This is the stage we have reached. Now that we can land men on the moon we can open our minds, to space travel. We know the effect the sudden arrival of a large oceangoing sailing vessel had on primitive people in for example the South Sea Islands. We know the devastating effect a man like Cortes, from another civilisation, had on South America. So then we can appreciate, if only dimly, the fantastic impact the arrival of space-craft would have made in prehistoric times.

( wordt vervolgd )

29-10-09

Stieg Larsson, mannen die vrouwen haten

millenniumTwee tegenpolen, Mikael Blomkvist en Lisbeth Salander. Hij is een charmante man en een kritische journalist van middelbare leeftijd, en uitgever van het tijdschrift Millennium. Zij is een jonge, gecompliceerde vrouw met zwartgeverfd haar, piercings en tatoeages, én een uitermate goede hacker. Samen vormen ze een ongewoon, maar sterk team.

Mikael wordt benaderd door oud-zakenman Henrik Vanger. Veertig jaar geleden is de zestienjarige Harriët Vanger op mysterieuze wijze verdwenen en vermoedelijk vermoord. De zaak is echter nooit opgelost en inmiddels verjaard. Toch wil Henrik Vanger graag dat Mikael zich hier nog eens op stort. Aanvankelijk lijkt het onderzoek nergens op uit te lopen. Totdat Mikael met hulp van Lisbeth op een spoor stuit dat rechtstreeks naar een zeer duister en bloedig familiegeheim voert …

De persoon Stieg Larsson

Stieg was tijdens zijn loopbaan journalist en fervent communist. Die overtuiging kon hij uitgebreid kwijt in zijn boeken. In 'mannen die vrouwen haten' bijvoorbeeld stelt hij beursspeculaties en de huidige bedrijfsethiek aan de kaak. Gek genoeg voorspelde hij toen al de huidige economische crisis. Zo stelde hij dat het speculatieve van de beurs 1 grote zeepbel is. Maar: de economie zelf zal niet ten onder gaan, want die is gebaseerd op wat men produceert en consummeert, niet op speculatie.

Het schrijven van boeken was voor Stieg een hobby. Hij schreef ze na zijn uren. Toen hij stierf (op vijftig jarige leeftijd, reden: hartaanval) liet hij drie voltooide manuscripten achter. Deze werden pas na zijn dood gepubliceerd. Het succes was overweldigend. Na zijn dood werd ook nog een onvoltooid vierde boek aangetroffen, alsmede een samenvatting voor een vijfde en zesde deel. Uit recent aangetroffen aantekeningen bleek dat Stieg van plan was om 10 boeken te schrijven. Niks van die andere werken zal ooit gepubliceerd worden...  Jammer!

Larsson was grondlegger van Expo, een anti-fascistisch tijdschrift. Het tijdschrift kwam al vrij snel in de financiele problemen... Ook dit verhaal doet je denken aan Milennium, niet?

De immense opbrengsten van zijn werken gingen naar de familie, voor Larsson's partner was niks voorzien. Het resultaat was een grimmig gevecht om de erfenis. Stieg zou hier niet blij mee zijn geweest, hij hield van zijn partner. Zijn vader en broer zag hij al jaren niet meer. En toch gingen zij met al het geld lopen... triestig.

Het boek

'Mannen die vrouwen haten' is een boek dat traag op gang komt. Bijna had ik het opzij gelegd wegens te saai. Maar toen kwam de verkrachtingsscène van Lisbeth er aan en was ik verkocht. Haar wraak deed me glimlachen. Van toen af was er voor mij geen houden meer aan en heb ik het verhaal zo snel als mogelijk gelezen. Ik was letterlijk leeg en uitgeput na het doorworstelen van de 500 blz.

Waarom het verhaal zo'n succes is? Wel eerst en vooral: de hoofdpersonnages zijn a-typisch.

Mikael is een menselijk iemand. Iemand die heel wat fouten maakt en zijn leven ziet veranderen in een puinhoop. De opdracht die hij krijgt van de familie Venger is voor hem dan ook een vlucht. Het is tevens een charmante man die er een onbegrijpelijke driehoeksrelatie op na houdt met zijn collega.

Lisbeth is een tegenpool: ze is een tengere goth, een seksueel misbruikte en daardoor asociale en dwarsliggende vrouw. Ze is geniaal als hacker en houdt er een aantal niet zo vanzelfsprekende hobbies op na: boksen, motors en computers. Ze valt op door haar look, de vele tattoos en haar zwarte kleding: T-shirts met opschriften als ‘I can be a regular Bitch – if you want me to’ en ‘I am also an Alien’. Ze lijkt totaal niet op mij, maar toch heb ik sympathie voor haar.

Het enige jammere aan het verhaal zijn de vele seksscènes. Die dragen naar mijn bescheiden mening niet echt bij tot het verhaal. Maar seks verkoopt...

Ik ga hier zeker de plot niet uitleggen, maar wil toch hetvolgende kwijt: het boek bevat alle klassieke ingrediënten van een goede thriller: een superplot, religieuze motieven (in een post-davinci code tijdperk enorm belangrijk), een aantal gruwelijke verdwijningen en last but not least: een paar wrede psychopaten met nazi-voorvaderen en bizarre seksuele voorkeuren.

En laat ik nu dat seksuele aspect de reden zijn van het feit dat ik ontgoocheld was na het lezen van de laatste bladzijde. Meer wil ik er niet over kwijt. :)

18-10-09

Boek - Erica Spindler, De indringster

indringsterEen jong kinderloos echtpaar krijgt de mogelijkheid een baby te adopteren en grijpt die kans met beide handen aan. Wanneer ze het kleine meisje in hun armen kunnen sluiten, denken ze de kroon op hun gelukkige huwelijk te hebben gezet Maar de biologische moeder van de baby heeft deze ouders niet voor niets uitgekozen. Eén blik op een foto van de toekomstige vader, en ze wist dat dit de man was op wie ze haar hele leven had gewacht. Totaal geobsedeerd, dringt ze het leven binnen van de kersverse ouders - die hun droom langzaam maar zeker in een angstaanjagende nachtmerrie zien veranderen.

Eigenlijk haat ik dit soort boeken. De hele tijd zit je jezelf op te vreten van spanning. Je vervloekt Julianna omdat ze het leven van de hoofdpersonages overhoop haalt.

Waarschijnlijk kan je dit daarom een schitterend boek noemen. Je leest het in 1 adem uit, het verhaal sleept je mee. De personnages zijn allemaal vrij herkenbaar. Iedereen heeft zijn gebreken en daar wordt van geprofiteerd. Je leeft mee met de vrouw die verlangt naar een kind (en daardoor haar huwelijk vergeet). Je verwenst de man die zich steeds meer aangetrokken voelt tot de indringster. In feite is dit al een verhaal op zich. Vandaar dat het thriller aspect in dit boek niet echt hoefde voor mij.

16:45 Gepost door Mieke in Boek | Permalink | Commentaren (0) | Tags: erica spindler, de indringster, spindler |  Facebook |

14-10-09

Winter in Madrid, achtergrond (dictatuur van Franco)

Mede dankzij 'Winter in Madrid' en 'Pan's labyrinth' heb ik me verdiept in de geschiedenis van Spanje. Mede daardoor ben ik de huidige politieke situatie in dat land wat beter gaan begrijpen, met name de scherpe tegenstelling tussen socialisten en conservatieven. Eigenlijk is het raar dat een land wat wij kennen als ideale vakantiebestemming tot dertig jaar geleden een dictatuur was. Het lijkt allemaal niet zo lang geleden.

Die situatie is een gevolg van de Spaanse burgeroorlog in de jaren 30 tussen communisten en socialisten (gesteund door Rusland) aan de ene kant en de falangisten (royalisten) en fascisten (met de hulp van Duitsland en Italie) aan de andere kant. Uiteindelijk waren het de fascisten onder leiding van generaal Franco die het haalden.

De oorlogsjaren 40-45 waren mede door de blokkade door Engeland moeilijke tijden. Alles was gerantsoeneerd wat resulteerde in hongersnood. Gevangen genomen communisten werden geexecuteerd of naar werkkampen gestuurd. Het anders zo uitbundige Spanje werd een stil en angstig land.

Toch mogen we ook niet aan de positieve aspecten van Franco's dictatuur voorbijgaan: de neutraliteit van Spanje tijdens WO II en de jaren van welvaart tijdens de jaren 60. 

21:29 Gepost door Mieke in Boek | Permalink | Commentaren (0) | Tags: franco, winter in madrid, spanje |  Facebook |

11-10-09

Sansom, C.J. - Winter in Madrid

WiMNajaar 1940, de Spaanse Burgeroorlog is voorbij en Madrid ligt in puin. De bevolking lijdt honger terwijl de nazi's oprukken in Europa. Spanje heeft zich neutraal verklaard, maar heimelijk koestert Franco de wens om zich bij Hitler aan te sluiten. In die context wordt Harry Brett als oorlogsveteraan door de Britse geheime dienst naar Spanje gestuurd om zijn voormalige vriend Sandy Forsyth te bespioneren. Die wordt ervan verdacht louche contacten te onderhouden met de Spaanse falangisten. Met enige tegenzin begeeft Harry zich naar het corrupte Madrid en ontmoet daar Sandy en diens vriendin Barbara Clare. Barbara heeft haar eigen geheim: zij is op zoek naar haar vroegere minnaar, de charismatische Bernie Piper, die met de Internationale Brigades vocht tegen de fascisten. Hij wordt vermist en zou zijn omgekomen, maar Barbara weigert dat te geloven. Er ontvouwt zich een persoonlijk drama waarop lotgevallen uit een gezamenlijk verleden een onuitwisbaar stempel drukken. Tegen de achtergrond van een verpauperd en angstig Madrid schildert C.J. Sansom op briljante wijze een ontroerend en genuanceerd beeld van de tijdgeest. Het resultaat is een aangrijpend verhaal over verlangens, hebzucht en verraad. Winter in Madrid is een historische thriller én een romantische vertelling in één.

Meer dan het thriller-aspect (ik zou dit niet echt een thriller noemen) staat in deze roman het beeld van een land dat lijdt onder Franco centraal. Het lijden van de gewone burger wordt met een ongeziene intensiteit beschreven. Het voelt aan alsof je zelf in het Madrid ten tijde van de oorlog loopt. Het hele verhaal is tragisch en bij momenten zo pijnlijk dat het je altijd zal bij blijven. Het is een aanklacht tegen het toenmalige regime en de wreedheden die door zowel communisten als fascisten zijn begaan. Ook de dubbelzinnige houding van de kerk in dit conflict komt uitvoerig aan bod. Van naastenliefde is hier geen sprake meer.

Later meer hierover...

15:30 Gepost door Mieke in Boek | Permalink | Commentaren (0) | Tags: sansom, winter in madrid |  Facebook |

28-09-09

Gelezen: Bal Masqué, Elia Barceló.

Parijs, 1991. Jaren nadat de Argentijnse schrijver Raúl de la Torre zich in de Franse hoofdstad van het leven beroofde, besluit de jonge criticus Ariel Lenormand een boek over hem te schrijven. Maar al na korte tijd blijkt dat zijn onderzoek een levensgevaarlijke onderneming is. Want welk duister geheim ligt er verborgen in Raúls literaire werk? Was de dood van zijn tweede vrouw daadwerkelijk een ongeluk? En wat bracht de schrijver tot zelfmoord? Ariel raakt verstrikt in een labyrint van leugens en verdachtmakingen. Bal masqué is een meeslepende roman over het duivelse spel dat men liefde noemt. Elia Barceló ontrafelt langzaam de raadsels rond haar intrigerende hoofdpersoon – tot het volstrekt onvoorspelbare einde.

Een schitterend boek, maar ga het aub niet vergelijken met Zafon (de schaduw van de wind).

Bal Masque is een boek over het duivelse spel dat men liefde noemt. Liefde werkt betoverend. Mensen raken er bezeten van. Liefde is iets moois, tenzij het je hele leven gaat domineren. Want dan wordt het een obsessie. Zo ook bij de verschillende personnages in het boek.

Allemaal zijn ze vol lof over Raul. Uit liefde. Liefde maakt blind. De werkelijkheid - wat is werkelijkheid? - ziet er echter minder rooskleurig uit. Raul blijkt niet de god te zijn die zijn omgeving van hem wil maken. Meer nog: eigenbelang staat bij hem centraal. Hij consummeert de liefde, maar geeft bitter weinig in ruil.

En ook na zijn dood, beheerst hij het leven van zijn naasten.

Neem nu Amelia, de weduwe. Haar leven stond volledig in het teken van haar geliefde. Maar tot welk doel? Waarom? Ook al lijkt ze een sterke vrouw, in werkelijkheid is ze een trieste verschijning.

Of Lenormand. Hij gelooft nog in de waarheid en probeert - net als een saaie wetenschapper - het leven van de schrijver zo getrouw mogelijk te registreren. Het lijkt net een hele hoop puzzelstukjes die langzaam in elkaar schuiven. Maar het resultaat van die puzzel lijkt niet te zijn wat hij ervan verwacht. Ook hij is volledig betoverd.

Al spoedig leren we dat iedereen op zijn eigen manier het leven beleeft. Ieder voor zich creeert een werkelijkheid binnen de werkelijkheid. Een perceptie van wat is. Bovendien: als we die vertekende werkelijkheid nog eens gaan communiceren aan anderen, dan is wat overblijft één grote leugen. Zelfs tegenover mensen die we liefhebben, hebben we geheimen. En die geheimen willen we het liefst meedragen tot in ons graf.

Vandaar, en dit is de kern van het boek (citaat) :
Fictie is als halvast metaal: het stroomt als een trage massa naar ons toe en wij vormen het zoals wij denken dat goed is. Als het dan koud wordt, behoudt het die vorm voor altijd. Jammer genoeg doen we hetzelfde met de realiteit. Wat wij ervan maken verkopen we als de objectieve waarheid en we proberen iedereen ervan te overtuigen dat de waarheid bestaat en dat die inderdaad objectief is. Bij fictie is het tenminste duidelijk dat er een verteller is die de feiten selecteert, het materiaal in een vorm giet en naar zijn inzicht dingen weglaat. In het werkelijke leven is dat ook zo, maar dat wil niemand zien. Het is net als bij fictie: als het koud wordt, wordt het hard en is het niet meer te veranderen. Daarom: wat is waarheid?

19:33 Gepost door Mieke in Boek | Permalink | Commentaren (0) | Tags: gelezen bal masquee, elia barcelo |  Facebook |

21-09-09

Pas gelezen: Bal masqué, Elia Barcelo

Hier gaan we het de komende dagen over hebben: Bal Masqué van Elia Barcelo.

Vannacht ben ik in mijn droom teruggekeerd naar het appartement in de Rue de Belleville. Mijn hart bonsde van blijdschap, mijn adem sloeg over, een snell, korte ademhaling, waar ik zelfs in mijn droom - en ik wist dat ik droomde - duizelig van werd, en alle voorwerpen waarop mijn blik viel, lichtten op in bonte kleuren. Ik ben weer door die ruime vertrekken gelopen, heb de luiken weer opengedaan zodat het licht weer naar binnen viel, het licht dat ik, sinds we vertrokken waren, nooit meer had gezien, dat jubelende, goudgele licht, dat boeken op de boekenplanken, de over de grond uitgespreide papieren, de glazen en flessen her en der op tafel in folkelende juwelen veranderde, in een feest van warme, betoverende kleuren: de kleuren van geluk.
Alles straalde een intens leven uit, gevangen in een moment van rust, maar nog grijpbaar en aanwezig. Lange avonden met vrienden bij kaarslicht, een gemeenschappelijk glas rode wijn in de geurige walm van zware tabak, eindeloze gesprekken over literatuur; luid gelach en biste opmerkingen, glanzende ogen en vochtige lippen, mensen die van het heden genieten en het verleden minachten, die weten dat de toekomst zich voor hen uitstrekt als een snelweg langs de zee.
Wat waren we jong! wat konden we nu weten?
Maar ik was teruggegaan, in mijn lichaam van toen en mijn geest, mijn vreugde en de zekerheid dat het leven een eindeloos feest was. 'Parijs was een feest.' Inderdaad. Voor ons was het leven een jong paard, dat alleen wij konden temmen, een onophoudelijk feest.
Dwalend door de kamers zag ik kleine dingen, voorwerpen uit het dagelijks leven, die verdwaald in een hoek lagen te wachten op hun baasje: een hoed met blauwe stoofen bloemen die Marita in de lente had vergeten en die nog steeds op de piano lag naast een afgrijselijk borstbeeld van Mozart dat we op een zondag op de vlooienmarkt hadden gekocht, een pijp van meerschuim die een van de vele gasten die bij ons over de vloer kwamen had laten liggen tussen de boeken in de zitkamer; een dichtbundel met een opdracht van de schrijver, die opengeslagen lag onder het gewicht van een asbak boordevol sigaretten zonder filter.
De ochtendzon viel door de lege flessen op het parket en vormde groene schaduwplekken, waarin goudkleurige stofvlokjes dansten als een regen van gouden muntjes: onze rijkdom. Meer bezaten we niet en hadden we ook niet nodig voor vivre d'amour et d'air frais.
De deur van onze slaapkamer stond op een kier. Je zag de hoek van het onopgemaakte bed, met de INdiase sprei die in scharlakenrode, groene en gouden bogen naar beneden hing over de plankenvloer van de flat en een van mijn weerloze Turkse pantoffels in zijn weelderige plooien gevangen hield. Raul lag vast nog in bed, met zijn arm over zijn ogen om zich tegen het licht te beschermen. Als ik de deur opendeed kon ik hem weer zien zoals hij toen was: een jonge heidense god, weerspiegeld in de diepten van de spiegel boven de schoorsteenmantel, slapend als de faun van Debussy.
Mijn hand zonk neer op de leesfauteuil en ik voelde de wol onder mijn vingers en rook zijn geur. Zoals altijd had Raul zich al lopend uitgekleed en zijn trui op de stoel neergelegd. Ik pakte hem op alsof het een slapend kind was en bracht hem naar mijn gezicht. Ik voelde de zachtheid en het warme bordeauxrood, zijn lievelingskleur, en snoof zijn bijna vergeten geur op, de onmiskenbare geur van Raul.
Onwillekeurig verborg ik mijn gezicht in de lauwwarme wol en wreef hem tegen mijn huid, een korte liefkozing van nauwelijks enkele seconden.
Ik liet de trui zakken en voelde me bedwelmd door geluk, maar toen ik in de spiegel links naast de kamerdeur keek, zag ik dat ik bloedde. Mijn hele gezicht was bedekt met wondjes, waaruit bordeauxrood bloed sijpelde...

11:46 Gepost door Mieke in Boek | Permalink | Commentaren (0) | Tags: bal masque, elia barcelo, boek |  Facebook |

24-08-09

Boek: Pauline Réage - histoire d'O

oEen Parijse modefotograaf met de naam O geeft zich gewillig over aan de fantasieën van haar minnaar René, zijn vriend Sir Stephen, en andere, anonieme personen. Ze wordt geblinddoekt, geketend, geslagen, gedwongen maskers te dragen en 'voortdurend beschikbaar' te zijn.

Ik heb hem gelezen, l'histoire d'O. Volgens de een hét schandaalboek bij uitstek, volgens de andere dé SM bijbel. Opmerkelijk is dat het boek geschreven is door een vrouw.

Waaraan je je mag verwachten: kei-harde SM. Het is een boek dat me met gemengde gevoelens achterliet. Enerzijds was er de geilheid (mijn vingertje heeft zijn werk gedaan de voorbije dagen). Anderzijds de afschuw en walging.

Op zich vind ik het onbegrijpelijk dat een vrouw zich zo onderdanig opstelt. Dat ze zo ver gaat om haar minaar (niet eens haar man) te plezieren. Slaag krijgen, da's niet echt mijn ding.

Later meer hierover. Wil je nu al je mening hierover kwijt, je weet me te vinden.

19:03 Gepost door Mieke in Boek | Permalink | Commentaren (1) | Tags: pauline reage, histoire d o, sm |  Facebook |

07-08-09

Boek: 'grotesk', een verhaal over losers en seks

Grotesk (boek van Natsuo Kirino) is het verhaal van losers. Het vertelt over de strijd van enkele individuen om het toch maar te maken in de verstikkende maatschappij. Hoe goed ze ook hun best doen, elk op zijn eigen manier, het lijkt maar niet te lukken.

En dat is nu net typerend voor onze maatschappij. Er wordt van ons verwacht dat we ons dood werken. In ruil krijgen we een aalmoes. Met dat weinige geld moeten we chique auto's en huizen kopen. Gewoon om aan onze medemensen te laten zien dat we iets bereikt hebben. Maar over wat we hebben bereikt lijkt niemand na te denken.

Het leven zou ons vreugde moeten geven. We krijgen genoeg kansen om het leuk te hebben. Er worden dagelijks festiviteiten georganiseerd, maar zelfs tijdens onze vrije tijd heerst er competitiedrang. Kijk ik heb een filmpje gemaakt van het optreden van Madonna begin juni. Kijk eens hoe dichtbij ik stond. Ik kon haar bijna aanraken. Jij niet dan? Sukkel!

Het keurslijf dat onze maatschappij ons oplegt, werkt verstikkend. En toch is het vrij simpel. Profiteer van je vrijheid. Doe niet wat anderen van jou verwachten te doen, maar volg je eigen ik. Wees geen kuddedier.

----

Grotesk is eveneens een verhaal waarin prostitutie centraal staat. Het begint met een beeldschoon meisje dat verslaafd is aan seks. Ze duikt met elke man tegen betaling het bed in. Alleen: schoonheid is vergankelijk en daardoor haar succes ook.

Het doet me denken aan de uitspraken van een collega: "in iedere vrouw schuilt er een hoer" en "een prostituee kost me minder dan mijn eigen vrouw". Het is misschien een beetje cru gezegd, maar toch geloof ik dat het waar is.

Neem nu de uitspraak van een vrouwelijke collega: "Mijn man is een schatje. Heel behulpzaam en lief. Alleen: als hij een paar dagen geen seks heeft gehad, verandert hij in een chagrijnig monster." Met andere woorden: ze verkoopt haar lichaam en krijgt in ruil een man die alles voor haar doet.

Vergelijk het met een vrouw die met haar man naar bed gaat en als beloning eens goed gaat shoppen. In dat opzicht zou de stelling dat een vrouw meer kost dan een prostituee best waar kunnen zijn. Alleen vergeet mijn collega dat seks zonder liefde maar mechanisch is en in vele gevallen onbevredigend.

Samengevat:
- Seks is macht.
- Seks is een ruilmiddel.
- Seks is een verplichting.
- Seks is fijn. I want more!

22:45 Gepost door Mieke in Boek | Permalink | Commentaren (2) | Tags: boek, grotesk, natsuo kirino |  Facebook |

30-07-09

Grotesk. Prostitutie en je eer. Citaat.

'Ik heb iets gehoord waar ik graag opheldering over wil hebben. Ik hoop dat je me zult kunnen vertellen dat het niet waar is.'

'Waarom?'

'Omdat het om je eer gaat. Ik heb geruchten gehoord dat je heel ongepast gedrag hebt vertoond, dat je jezelf volkomen te schande hebt gemaakt. Ik kan het gewoon niet geloven'.

'Wat voor geruchten?'

Professor Kijima keek opzij en beet op zijn lip. De afkeer op zijn gezicht paste niet bij zo'n goedmoedige man. Hij was in een oogwenk een heel andere man geworden, een seksuele man. Ik vond hem heel aantrekkelijk.

'Ze zeggen dat je geld aanneemt om met mannen naar bed te gaan. Als dat waar is word je van school gestuurd. Het is niet waar he?'

'Het is waar. Ik heb mijn eigen pad gevolgd en gedaan wat ik graag doe. Het is mijn manier om geld te verdienen. Kunt u het hier niet gewoon bij laten?'

Kijima begon te trillen en zijn gezicht werd rood. 'Het hierbij laten? Maar je besmeurt de kern van je bestaan, je ziel. Dat kun je niet doen!'

'Mijn ziel wordt niet beschadigd door zoiets als prostitutie!' Toen hij het woord prostitutie hoorde, werd Kijima zo boos dat zijn stem ervan trilde.

'Misschien heb jij het niet gemerkt maar je bent onteerd, je hebt je ziel bezoedeld.'

'Professor, wilt u me soms kopen?'

'Nee ik ben leeraar en jij bent mijn leerling'.

'Professor als u me niet wilt kopen, wil ik niets met u te maken hebben. Trouwens uw zoon is mijn pooier, wist u dat?'

(Natsuo Kirino, Grotesk, p168-169)

19:00 Gepost door Mieke in Boek | Permalink | Commentaren (1) | Tags: grotesk, natsuo kirino, quote, prostitutie |  Facebook |

Grotesk (Natsuo Kirino)

groteskIk heb me nog eens aan een boek gewaagd. Allez ja, ik ben bezig met het lezen ervan. Het gaat hier om 'Grotesk' van Natsuo Kirino, een gewaardeerd misdaadschrijver uit Japan.

Het is een boek over drie Japanse meisjes. Ik citeer (NBD recensie) : Aan de hand van dagboeken, verslagen en eigen herinneringen schetst een 40-jarige, verbitterde Japanse vrouw wier goed opgeleide zus en vriendin in de prostitutie in Tokio zijn terechtgekomen, de gebeurtenissen die geleid hebben tot de moord op hen beiden. Geen thriller in de ware zin des woords, maar een vlijmscherpe analyse van de karakters van de drie vrouwen en hun wereldje, waarin uiterlijk, jaloezie, wreedheid en seks (of het ontbreken daarvan) centraal staan. Een briljant, in zakelijk onderkoeld proza geschreven verhaal met uitstekende belichting van de Japanse standenmaatschappij en de worsteling van de vrouwen om daaruit te ontsnappen.

Het verhaal bevat een aantal interessante thema's zoals prostitutie (hoe kan iemand zich zo verlagen?), afgunst en jaloesie, de drang om te slagen in de moderne maatschappij en last but not least: seks. De komende dagen zal ik wat dieper ingaan op elk van deze thema's. Ik heb er een heleboel over te vertellen...

Alvast enkele kenwoorden: bij momenten langdradig, droevig en macaber, speciaal, onbegrijpelijk, pijnlijk, onthutsend.

10:45 Gepost door Mieke in Boek | Permalink | Commentaren (0) | Tags: grotesk, natsuo kirino, prostitutie, seks, bespreking |  Facebook |